Bedrijfsleven vroeg slachtoffer van stijgende zeespiegel

10 Apr 2005

10 april 2005 - De kans bestaat dat het bedrijfsleven verdrinkt, omdat Nederland zijn voeten droog wil houden. De oorzaak schuilt in de vooralsnog weinig creatieve maatregelen die door (semi-) overheden in het vooruitzicht worden gesteld om de gevolgen van de stijgende zeespiegel te keren. VNO-NCW Noord heeft overheden en waterschappen om meer duidelijkheid gevraagd.

Dat de zeespiegel zal stijgen, staat wel vast. Maar het is allerminst duidelijk hoeveel en hoe snel. Toch is wachten niet verantwoord. De regering heeft daarom bepaald dat lagere overheden en waterschappen maatregelen moeten treffen die de veiligheid van het land ook in de verre toekomst waarborgen. Die maatregelen vergen landschappelijk ruimte, ook wel reserveringsruimte genoemd.

Lastig is dat er geen uniforme regelgeving, tijdsplan of criteria zijn opgesteld door Rijkswaterstaat. Daardoor ontbreekt eenduidigheid: lagere overheden en waterschappen hebben geen uniform beleid met als gevolg is dat het ene waterschap een plan heeft klaarliggen waarin brede reserveringsruimtes worden vastgesteld, terwijl het andere waterschap zich nog aan het oriënteren is.

Voor veel bedrijven is dat uitermate lastig. Is grond binnen een beschermingszone (reserveringsruimte) nog wel wat waard? Kan een bedrijf er nog verantwoord investeren en wat zijn de groeimogelijkheden en onder welke voorwaarden? Om antwoord op deze vragen te krijgen is het voor het bedrijfsleven van groot belang dat het betrokken wordt bij de besluitvorming over de exacte invulling van de plannen. En dan liefst al op korte termijn. Middels een brief heeft VNO-NCW Noord lagere overheden en waterschappen laten weten dat het bedrijfsleven zonder inzicht in die plannen niet verder kan.

Los daarvan zou ook bedacht moeten worden dat er meer mogelijkheden ter versterking van zeekeringen zijn dan de beoogde reserveringszones. Te denken valt aan ‘expanding columns’, waarbij een soort betonnen dam aan de dijkrand wordt gezet waartegen opgehoogd kan worden. Een andere optie is ‘dijkvernageling’ waarbij grote kunststof buizen schuin in de dijk worden geplaatst die de druk van de afschuivende dijk weerstaan. Een mogelijkheid is ‘mixid-in-place’. Hierbij wordt droog bindmiddel vermengd met de vochtige dijkgrond, waarna door verharding stabiele kolommen in de dijk ontstaan. Deze drie vormen van dijkversterking worden momenteel door Rijkswaterstaat getest. Het is de moeite meer dan waard de resultaten van deze alternatieve opties te betrekken bij een finale afweging.

Louwe Dijkema
voorzitter VNO-NCW Noord

Thema's

Partners