Wientjes: "spoorlijn Groningen-Heerenveen met stip op één"

Wientjes_spoorlijn 2 Mei 2012

VNO-NCW voorzitter Bernard Wientjes maakt zich hard voor de spoorlijn Groningen-Heerenveen. In een brief aan de provincies Fryslân en Groningen en de betrokken gemeenten noemt Wientjes de spoorlijn “een unieke kans om alsnog het eerste deel van de Zuiderzeelijn aan te leggen”.

(Inter)nationaal belang
Na het afblazen van de Zuiderzeelijn in 2007 heeft het Noorden een alternatief pakket aangeboden gekregen, met de spoorlijn Groningen–Heerenveen als hoeksteen. “Deze  keuze  hebben wij altijd ten volle gesteund, omdat met de spoorlijn Groningen-Heerenveen de Zuiderzeelijn in beeld blijft”, aldus Wientjes. “Dit maakt de aanleg hiervan niet alleen van regionaal belang, maar ook van nationaal en op termijn van internationaal belang.”

De noodzaak van de spoorlijn Groningen-Heerenveen moet volgens Wientjes ook worden bezien in het perspectief van het huidige Topsectorenbeleid, waarmee het kabinet duidelijke keuzes heeft gemaakt. “Het regionale beleid is voorbij, Nederland focust zich op sectoren waarin het een sterke internationale positie heeft. Met name op het gebied van Energie kan het Noorden zich profileren als dé energieregio van Noordwest-Europa. Zonder een uitstekende ontsluiting is het echter onmogelijk om als regio te kunnen scoren.”

Wientjes noemt het essentieel dat de regio’s in ons land niet alleen onderling optimaal verbonden zijn, maar ook een goede verbinding hebben met het buitenland. De spoorlijn Groningen-Heerenveen speelt hierbij een belangrijke rol, wanneer deze wordt door getrokken naar de Randstad en de andere kant op richting Hamburg.

Met stip op één
De spoorverbinding moet worden gefinancierd vanuit het alternatieve pakket voor het niet doorgaan van de Zuiderzeelijn (het Regionaal Specifieke Pakket, RSP). Bij het opstellen van het wensenlijstje voor dit pakket, kon men in 2008 geen keuzes maken en is het aanbod overtekend. Bij de afweging wat wél en wat niet moet doorgaan, is van belang welke infrastructurele projecten het meest structuurversterkend zijn, stelt Wientjes. “Wat VNO-NCW en MKB-Nederland betreft staat de spoorlijn Groningen-Heerenveen hierbij met stip op één.”

Door deze verbinding HSL-voorbereid aan te leggen, heeft het Noorden de kans om de Zuiderzeelijn alsnog stapsgewijs te realiseren. Een kans die de regio volgens Wientjes niet voorbij mag laten gaan, “simpelweg omdat de eerste vijftig jaar geen nieuwe komt en er geen alternatieven voor dit traject zijn”.

Partners