Column Alfred Welink: Werkzekerheid

Alfred Welink 11 Mei 2017

Werkzekerheid

Als ondernemer heb ik altijd geïnvesteerd in mijn werknemers. Door in te zetten op duurzame relaties met mijn medewerkers, door ze zekerheid te bieden en daarvoor flexibiliteit terug te krijgen. Dat leverde aan beide kanten veel plezier en tevredenheid op.

Dat vond én vind ik belangrijk. Eigenlijk zelfs vanzelfsprekend. Ik merk echter dat door de (onbedoelde) effecten van de Wet Werk en Zekerheid en de Ziektewet deze waarden niet meer zo vanzelfsprekend zijn. De lasten en risico’s van het werkgeverschap zijn groter geworden. Met als gevolg dat de flexibiliteit en de zekerheid grotendeel verdwenen zijn en de doorstroming naar vaste contracten is gestokt.

Als voorzitter van VNO-NCW Noord trek ik me dat aan. Ik zie namelijk dat dit een zware wissel trekt op de arbeidsmarkt en de economie. Mensen zitten onnodig thuis en bedrijven worden geremd in hun groei. Terwijl het werk er wél is en de wil om mensen aan te nemen ook. De meeste ondernemers – weet ik uit ervaring – willen namelijk niets liever dan een duurzame arbeidsrelatie met hun werknemers.

Beide wetten zijn sociaal gezien goed bedoeld, maar blijken dat in de praktijk juist niet te zijn. Daar moet nu iets aan gebeuren en de formatie lijkt mij bij uitstek het moment om de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) en de Ziektewet nog eens goed tegen het licht te houden.

Het komt erop neer dat de financiële risico’s die deze wetten met zich meebrengen voor ondernemers veel te groot zijn: de vergoedingen die werknemers meekrijgen als ze ontslagen worden omdat ze niet goed functioneren zijn fors en de ontslagprocedure is onzeker. Om over de eis over de langdurige doorbetaling bij ziekte nog maar te zwijgen.

Het is, zoals ik het zie, niet heel ingewikkeld om met enkele aanpassingen deze tekortkomingen in de huidige WWZ aan te passen. De doorbetaling bij ziekte staat nu op twee jaar. Geen werkgever wil daardoor mensen in loondienst nemen, terwijl dat juist de insteek was van de WWZ. Die loondoorbetalingsverplichting moet én kan omlaag – zeker als daar ook een verplichte en acceptabele arbeidsongeschiktheidsverzekering aan wordt gekoppeld.

Ook voor een oplossing voor een rechtvaardiger ontslagrecht hoeven we de huidige WWZ niet geheel terzijde te schuiven. Met een flexcontract voor een jaar en daarna een modern soort vast contract – met een redelijke grond, opzegtermijn en een redelijke transitievergoeding – komen we al een heel eind.

Als voorzitter en als ondernemer wil ik graag in gesprek hierover met het nieuwe kabinet. In een open dialoog met ons, ondernemers en werkgevers, is er zeker tot een oplossing te komen. En die moet er komen – op korte termijn.  Tot die tijd roep ik werkgevers op om de problemen rondom de WWZ te benoemen, te bevestigen en de hinder die we hierdoor ondervinden uit te spreken. Zo lang als het nodig is.

Alleen zo komt onze boodschap aan bij het nieuwe kabinet: doorgaan op deze weg leidt tot niets dan onzekerheid op alle fronten.

 

Alfred Welink

Voorzitter VNO-NCW Noord

Partners